Pedro Almodóvar

Gaat de laatste film van Almodóvar op 9 februari 2020 nog een keer de Oscar voor de beste foreign language film winnen? Ook hoofdrolspeler Antonio Bandero is genomineerd en maakt zeker kans.

Dolor y Gloria

Definieert de titel van zijn laatste film – Dolor y Gloria – het totale oeuvre van Pedro Almodóvar? Er zit ruimschoots pijn in zijn films, maar uiteindelijk overwint gloria, dat in het Nederlands veel betekent: glorie (gloria), heerlijkheid, roem, lof, eer en prijs. Al deze kwalificaties passen.

Vaak begonnen besprekingen over een nieuwe film van Almodóvar met het cliché over het enfant terrible van de Spaanse cinema, dat met deze film eindelijk volwassen lijkt te worden. Velen gaven zijn films het etiket ‘postmodernistisch’, zonder dat duidelijk werd wat de recensenten daarmee bedoelden. De betiteling van zijn genredoorbrekende films als Almodrama’s leek vaak niet meer dan een gemakzuchtige poging die films niet serieus te bespreken. Gelukkig kan geen weldenkende filmkenner meer heen om de creatieve en intelligente manier waarop Almodóvar een film in elkaar zet.

Verhalen

Almodóvar vertelt met cinematografische, filmische, middelen het verhaal dat in hem is gerijpt  – en dat vergt tijd – op zo’n manier dat wij, die naar de film kijken, veel meer ervaren dan wat zich in woorden laat vatten. De intense kleuren, de stemmen, de emoties van de personages, zang, muziek, dialogen, wonderschone landschappen en interieurs bepalen hoe wij op onze beurt met al deze indrukken – en dat bedoel ik letterlijk, er blijven indrukken in ons achter – het verhaal construeren; dat spelen we niet klaar als we alleen ons intellect gebruiken. Hoe het komt dat zijn films zo’n impact hebben op de kijker? Daar gaat het vanavond vooral over.

Die verhalen, waar haalt Almodóvar die vandaan? Dat begrijpt hij zelf vaak niet.

‘Waarom kies je voor een bepaald verhaal, en niet voor een ander? Dat is en blijft een mysterie. Ik voel me een beetje als een medium: er nestelt zich een idee in mijn hoofd, en dat gebruikt mij om naar buiten te treden.’

De verhalen gaan allemaal over: liefde, verlangen, vrouwen, pijn, strijd, dood, het lichaam, verleden, moeders, tradities, familie – zo ruim mogelijk opgevat – en dat alles in de context van de stad (vaak Madrid), het dorp, Spanje.

Almodóvars uitspraak dat hij films wilde maken alsof Franco nooit bestaan heeft, is vaak verkeerd begrepen. Hij bedoelde niet dat hij het verleden, zijn biografie niet in zijn films zou betrekken. Wel wilde hij afrekenen met alles waar de dictatuur voor stond.

‘Heel mijn leven is een reactie tegen de kilte en duisternis van mijn jeugd’

zegt hij in een van de vele interviews. Hoe vaak keert hij juist terug naar het verleden, en niet pas nu met zijn laatste film Dolor y Gloria. La mala educación is voor een deel zijn kloosterjeugd revisited. En Volver is per definitie teruggaan en terugkomen. Zijn, tot nu toe, laatste film blikt terug op vroeger werk en zijn leven, én belooft een volgend verhaal.

Intertextualiteit

Iedereen kent dat wel: in een film of toneelstuk komt een andere film voor, zoals in de klassiekers Citizen Kane en Das Kabinet des Dr. Caligari  en The Purple Rose of Cairo, Being John Malkovich, Shakespeare in Love en The Artist. Ook kennen we films waarin schilderijen voorkomen, zoals in El espíritu de la colmena van Victor Erice, of een scene waarin opeens een antwoord komt uit een televisie die aanstaat. Vaak genoeg zien we een filmpersonage een boek lezen, schrijven of kopen. Bij Almodóvar is dit eerder regel dan uitzondering. In al zijn films komt een boek voor, vaak meer dan een. Veel personages zijn ook schrijver. Als andere cultuuruitingen in een film voorkomen en een rol spelen, noemen we intertextualiteit. Pedro Almodóvar is daar een meester in.

Als filmauteur, die zelf zijn scripts schrijft, heeft Almodóvar een voorliefde voor andere schrijvers. Maar de Madrileense filmmaker is een cultuurvreter – dat zou ik bijna letterlijk opvatten –  wiens dieet niet alleen uit literatuur bestaat.

Dat andere cultuuruitingen een belangrijke rol spelen in zijn films en vooral hoe, zal blijken uit een closer look at Dolor y Gloria (2019), La piel que habito (2011), Volver (2006), Hable con ella (2002) en Todo sobre mi madre (1999).

Complexe narratieve structuur

Recensenten beschrijven over het algemeen hoe het verhaal van de film verloopt, chronologisch dus. De meeste films van Almodóvar zijn ook lineair te vertellen, tenminste als de film afgelopen is. De vraagtekens en verwarring die we in de bioscoopstoel ervaren, zijn tijdens de aftiteling grotendeels verdwenen, omdat we het verhaal hebben kunnen construeren dankzij voldoende clues die de film geeft. En wat we niet direct hebben kunnen duiden, lijkt er niet zo toe te doen, en neemt u maar van mij aan: we missen ook nog heel veel als we een Almodóvar-film voor de eerste keer zien. Hoeveel boeken heeft u bijvoorbeeld gezien in Dolor y Gloria?

Het zijn er veertien. Die had u vast niet allemaal gezien: in de handen van Salvador Mallo, op zijn nachtkastje, de salontafel, op zijn bureau of in de boekenkast.

Een van deze boeken, Ana no, beschrijft de eenzame tocht van Ana en ‘ofrece una lección de amor y dignidad donde la vida y la muerte se muestran como una sola’.

The Master. Retrato del novelista adulto, van Colm Tóibín is een biografie van Henry James, ‘un viaje a la vida literaria y emocional de unos de los grandes escritores universales y decisivo en la historia contemporánea de la literatura, del arte de contar.’

De verwantschap tussen deze literaire werken (een Spaanse roman en een biografie van een Amerikaans-Britse schrijver) met de thematiek in Dolor y Gloria is treffend. Het boek der rusteloosheid van Fernando Pessoa inspireerde hem ook. Salvador Mallo is bij tijd en wijle knap rusteloos, en als iemand hem vraagt wat hij gaat doen als hij niet meer kan filmen, antwoordt hij: ‘Vivir supongo?’ Voor Henry James eindigde het leven, zodra hij niet meer kon schrijven. [Nu naar het werk van de meester!]

Todo sobre mi madre

Het dagboek dat Esteban op zijn verjaardag begint, brengt de geschiedenis van alleenstaande moeder Manuela op gang. Feitelijk stuwt dit dagboek de film Todo sobre mi madre voort; terwijl de schrijver sterft, schrijft zijn verhaal zich verder.

Een verhalenbundel van de Amerikaanse journalistieke schrijver Truman Capote en twee theater-stukken bepalen het decor, de tableaus en de personages die Manuela de kans geven haar immense verdriet te transformeren. Door de kracht te veranderen, op het toneel en in het leven zelf, klinkt er Music for cameleons – Musica para camaleones – een van de twee cadeaus die Manuela haar zoon gaf, op de verjaardag die zijn sterfdag werd. Woorden schieten werkelijk te kort om zo’n verdriet te beschrijven. Theater komt er bij in de buurt.

Esteban kende zijn vader, naar wie hij werd vernoemd, niet. Hij wilde het ontbrekende verhaal van zijn leven als verjaardagscadeau. Hij zal het opschrijven in zijn dagboek met de titel: Alles over mijn moeder. Dat betekent ook alles over zijn vader en nog meer…

El tranvia llamado deseo en de acteurs krijgt opnieuw een belangrijke rol in Manuela’s leven. Zij kent de tekst uit haar hoofd en kan als invaller de rol van Estella spelen. In feite herhaalt zich ook wat in de klassieker All about Eve gebeurde.

Terwijl het hart van Esteban verder klopt in het lichaam van iemand anders, krijgt Manuela de zorg voor een ander kind dat dezelfde vader heeft als haar Esteban.

Almodóvars personages leveren bijna allemaal een gevecht om hun eigen leven en zichzelf zo vorm te geven, dat ze kunnen zijn wie ze willen zijn. Zijn karakters herscheppen en transformeren zichzelf. In Todo sobre mi madre legt Agrado dit explictiet uit aan het publiek dat gekomen is om het theaterstuk Un tranvia llamada Deseo te zien. Haar improvisatie valt in de smaak, al is het niet bij iedereen.

Muziek

Film als zevende kunstvorm is schrijven met licht op regels van tijd, in toonsoorten en ritmes die filmmuziek creëren. De soundtrack van Almodóvars films, betekenen veel meer dan een muzikale omlijsting van het verhaal.  Hij zelf formuleert het zo:

‘The songs in my films are an essential part of the script. They have a dramatic and narrative function; they are as descriptive as the use of color, lighting, scenery or dialogue.’

Almodóvar noemt muziek een narratief middel. Muziek en liederen zijn even belangrijk als dialogen, beschrijvingen, kleur, belichting en enscenering. De muziek in zijn films verdienen een aparte studie.

Beeldende kunst

In La piel que habito, die Pedro Almodóvar in 2011 presenteert, gaat Antonio Banderas als plastisch chirurg wel heel ver. Hij (her)schept niet zichzelf, maar om zijn leven weer zin te geven (her)schept hij een ander mens, alsof hij god zelf is.

In La piel que habito speelt beeldende kunst een hoofdrol, en wel de sculpturen van de Franse kunstenaar Louise Bourgeois. Op de aftiteling van deze film verwoordt de regisseur waarom hij haar dankbaar is:

“Gracias a Louise Bourgeois, cuya obra no sólo me ha emocionado, sino que sirve de salvación al personaje de Vera”

Vera, gevangene in het huis annex kliniek van dokter Ledgard, brengt haar dagen door in eenzaamheid. Boeken, een televisie en prachtige kunstwerken vormen haar enige gezelschap. Ze leest een boek over leven en werk van Louise Bourgeois, die niet alleen de prachtige bronzen spin maakte, maar ook het ontroerende, zachte Web of emotions, roze stoffen minimensjes die lepeltje-lepeltje liggen.

Bourgeois werkt heel veel met stoffen en garens. Lapje voor lapje naait zij haar mensfiguren, zoals dokter Ledgard lapjes huid aan elkaar naait om ‘zijn materiaal’ te transformeren in de vrouw die hij voor ogen heeft.

Identiteit – writing on the wall

Zowel in het leven als in de kunst, of het nu literatuur, toneel of film is, gaat het vaak om de zoektocht naar de eigen of een nieuwe identiteit. Gevangen in een glazen stolp – Ledgard kan haar continu bespieden –, omheind door spinnenpoten, moet Vera zien te overleven, haar identiteit – die hoe dan ook verandert – te bewaren. Hoe moet ze zich uiten? Hoe bewaakt ze haar psychische gezondheid? Dat doet ze door te schrijven, muren schrijft ze vol, met hier en daar een tekening. Ze put inspiratie uit wat Louise Bourgeois schrijft en zegt: die voelde zich een gevangene van haar herinneringen. Haar werk laat zien hoe zij zich vrij vocht van haar dominante, ontrouwe vader.

“El arte es una garantía de salud mental” (Bourgeois in Precious Liquids)

Dankzij haar kunst bleef Bourgeois psychisch gezond en mentaal sterk tot op hoge leeftijd. Vera schrijft, tekent en gaat ook boetseren, waarmee ze haar psychische kracht herwint en zich uiteindelijk ook weet te bevrijden.

Hable con ella

Het doek gaat op en klagelijk klinkt: ‘Oh, let me wheep’. Twee magere, schaars geklede vrouwen slaapdansen met lange, langzame bewegingen over de kale planken in een karig ingericht café. Eigenlijk zeggen deze twee composities alles al. Twee beklagenswaardige vrouwen door wie twee mannen in het publiek geraakt worden. Een is tot tranen geroerd, wat de ander lijkt te verbazen.

Elke keer weer grijpt deze scene me bij de strot. Hoe is het mogelijk dat deze oude muziek zo kan ontroeren? De zeggingskracht van kunst, hier de muziek van Purcell en het ultramoderne ballet van Pina Bausch is enorm.

Benigno is een van de mannen in het publiek. Hij verzorgt de comateuze Alicia, en doet dat uiterst zacht en zorgvuldig, terwijl hij tegen haar praat. Voor zijn gevoel praat hij mét haar. Als een stier Marco’s vriendin op de horens neemt, raakt ook zij in coma en belandt in dezelfde kliniek als waar Alicia ligt. Marco praat niet tegen Lydia. Hij gelooft dat ze geen bewustzijn meer heeft. Benigno probeert hem ervan te overtuigen dat hij wel met Lydia moet praten.

Marco lijkt meer in de werkelijkheid te leven. Hij verwacht geen contact meer met Lydia. Benigno leest het lichaam van Alicia, die immers met haar lichaam communiceerde als danseres. Ook haar dansdocente praat met haar en vindt het niet vreemd dat Benigno blijkbaar weet wat er in haar omgaat.

Cucurucucu, laat Gaetono Veloso de duif zingen bij het verlaten huis, hopend dat zijn vrouwtje, la alma de la casa, weer terugkomt. De koerende duif bezorgt Marco kippevel.

Belichaamde emoties

Benigno doet in zijn vrije tijd dingen die Alicia graag deed. De film die Benigno Alicia vertelt is een prachtig gemaakte film – door Almodóvar zelf – in de stijl van de vroege, zwijgende film. Benigno’s commentaar is ontroerend en verontrustend tegelijk. In Amante menguante, verkent een piepklein mannetje, genietend en verrast, het landschap van het  lichaam van zijn slapende geliefde, en kruipt bij haar naar binnen… om daar altijd te blijven.

Als de gevolgen van het verbeelde niet uitblijven, en Alicia zwanger blijkt, valt het loodzware woord dat absoluut niet past bij wat we hebben gezien. Woorden zijn ook metaforen, generalisaties zelfs, die alle verschillen laten verdwijnen. Hoe verkeerd het ook is, wat Benigno heeft gedaan: verkrachting roept heel andere dingen op.

En wat doet dat boek in de kamer van Alicia en later in het huis van Benigno dat hij opknapt, omdat hij met Alicia wil trouwen? Dat boek La noche del cazador gaat over een misdadiger die met de weduwe van zijn geëxecuteerde celgenoot trouwt, omdat die – pratend in zijn slaap – iets losgelaten heeft over een verstopte buit.

Volver

Alles komt uiteindelijk terug, zelfs dat wat je hebt begraven, of waarvan je denkt dat het begraven is. Almodóvar maakte deze film in 2006, een jaar voordat de Wet op de historische herinnering werd aangenomen. De tijd was meer dan rijp om de (massa)graven te openen en te praten over onrecht uit het recente verleden. Nog steeds is Spanje het land waar machogedrag gewoon is. Dat Raimunda’s man Paco (de verkorte vorm van Francisco) heet, kan geen toeval zijn. Zijn dood was per ongeluk, maar wel zijn eigen schuld. Hij had geprobeerd Paula te verkrachten; ‘omdat hij niet haar vader was, was dat geen zonde.’ Alles moet geheim blijven. Hij is gewoon vertrokken, definitief. Paula vraagt wie dan wel haar vader is. Dat kan Raimunda onmogelijk vertellen. Eerst moet ze zorgen voor brood op de plank en het lichaam van Paco zien kwijt te raken; dat ligt in de vrieskast van het lege restaurant next door. Met ongelooflijk veel moeite bezorgt zijn vrouw hem toch een graf op een plek waar hij graag kwam.

Tante Paula, die in het dorp woonde, en bij wie Raimunda opgroeide, gaat opeens ook dood. Heel vreemd dat ze op alles voorbereid leek te zijn, zelfs haar kist had ze uitgezocht en betaald. Raimunda kan niet naar de begrafenis, die is zelf met de vrieskist in de weer. Raimunda’s zus, Sole, houdt er een illegale kapsalon op na. Bijgelovig als ze is, denkt ze dat haar moeder aan haar verschijnt. Die ligt immers samen met haar man in het graf dat de zussen altijd vóór de dia de los muertos schoonmaken? Moeder Irene heeft de laatste tijd bij demente tante Paula gewoond, die dat heel gewoon vond. Nu moet ze voorlopig wel bij Sole intrekken, want een dode krijgt geen huis.

De nerveuze Raimunda heeft inmiddels bezit genomen van het lege restaurant en verdient zo de kost. Af en toe moet ze bij haar zus Sole op bezoek en ‘ruikt’ dan haar moeder, vooral haar scheten. Als Irene zich niet langer voor Raimunda kan verstoppen, vraagt ze haar om vergeving. Ze had niet gemerkt dat haar ontrouwe man zich aan hun dochter had vergrepen.

Irene heeft nog iets op te biechten. Zij heeft het huisje in brand gestoken, waar haar man en zijn vriendin na hun liefdesspel lagen te slapen.

De nogal gruwelijke feiten maken dit geen vrolijk verhaal. Toch spatten de fantastische kleuren van het scherm en sprankelen de dialogen dat het een lieve lust is. Aan humor ontbreekt het ook absoluut niet in deze bijna feel-good-movie. Hoe krijgt Almodóvar dat toch voor elkaar? Het mooie is ook dat Carmen Maura de rol van Irene voor haar rekening neemt, Pedro’s muze van het eerste uur. Zij kan ook echt de moeder van Raimunda/Penelope zijn en de oma van Paula.

Het prachtige lied flamencolied Volver dat Raimundo mimet en Estrella Morente zingt, maakt de film een kunststuk vol herinnering, terugkeer, verdriet en vreugde. 

Volver

Yo adivino el parpadeo
De las luces que a lo lejos,
Van marcando mi retorno.
Son las mismas que alumbraron,
Con sus pálidos reflejos,
Hondas horas de dolor.
Y aunque no quise el regreso,
Siempre se vuelve al primer amor.
La quieta calle donde el eco dijo
“Tuya es su vida, tuyo es su querer”,
Bajo el burlón mirar de las estrellas
Que con indiferencia hoy me ven volver.

Volver,
Con la frente marchita,
Las nieves del tiempo
Platearon mi sien.
Sentir, que es un soplo la vida,
Que veinte años no es nada,
Que febril la mirada
Errante en las sombras
Te busca y te nombra.
Vivir,
Con el alma aferrada
A un dulce recuerdo,
Que lloro otra vez.

Tengo miedo del encuentro
Con el pasado que vuelve
A enfrentarse con mi vida.
Tengo miedo de las noches
Que, pobladas de recuerdos,
Encadenan mi soñar.
Pero el viajero que huye,
Tarde o temprano detiene su andar.
Y aunque el olvido que todo lo destruye,
Haya matado mi vieja ilusión,
Guarda escondida una esperanza humilde,
Que es toda la fortuna de mi corazón.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *