Argumentatie

Bijna elke tekst bevat argumentatie. Uitspraken en opvattingen moeten onderbouwd worden, wil de lezer de gedachtegang van de schrijver kunnen – en willen – volgen. Daarbij gaat het niet alleen om de geldigheid van argumenten, maar ook om de manier waarop die in de tekst verweven zijn.
Argumentatie is in het Nederlandse onderwijs eeuwenlang niet of nauwelijks aan de orde geweest, met als gevolg dat teksten soms bestaan uit louter uitspraken. Vaak kunnen eenvoudige redactionele ingrepen voldoende zijn om een tekst overtuigingskracht te verlenen.

De ene redenering is de andere niet

Argumenteren is hetzelfde als redeneren. Het woord redenering heeft misschien een wat ongunstige bijklank gekregen in het dagelijks taalgebruik, maar het betekent gewoon: bewijsvoering. Omdat er verschillende soorten bewijs bestaan, kunnen we ook zeggen dat er verschillende typen redeneringen zijn.

 

Om de lezer te overtuigen van de aannemelijkheid van een claim of conclusie is het absoluut noodzakelijk dat de redenering geldig is. Wanneer is dat het geval? Dat antwoord is niet in één zin te geven. Het hangt af van welk soort argument je gebruikt. Met de vier belangrijkste typen argumenten kun je een verantwoord betoog opbouwen. Een redenering of argumentatie berust namelijk meestal op een van de volgende principes:

 

I     deductie of inductie (afleiden uit of generaliseren)

II    causaliteit (voorspellen of verklaren)

III   vergelijking

IV    typering.